dinsdag 2 april 2019

Fauteuil

Jij bent gewelddadig
overweldigend.
Ik loop over van jou,
overeet me aan jou
en heb nog steeds
niet genoeg.

Ik wil je kussen
tot je waterrimpels
krijgt op je vingers,
en ik mijn mond
niet meer tot woorden
kan vouwen.

Ik zal je strelen tot
het me pijn doet
zacht voor je te zijn
en mijn vingers
tussen je lippen wring
ter verkoeling.

Ik wil me aan je branden,
littekens van je maken
totdat jouw liefde
gebrandmerkt
staat in mijn lijf,
en leden.

Maar je bent donzig lief,
alles behalve hard.
Je omringt me, verwart
me en verwarmt me.
Je leert me, bestudeert me,
vormt je naar mijn lijf.

Als een levenslange
favoriete fauteuil.

zondag 24 maart 2019

Watertanden

Het bootje,
niet meer dan
een in een cirkel
opgerolde regenjas,
met bodem tegen het zinken,
dobberde wat aan.

Een eiland
in de verste verte
niet te benaderen.
Droge lippen likken
zichzelf droger aan
in zeewater gedoopte vingers.

De proviand die opraakt,
de zon die gek maakt,
de gek die schrijft
dat de zon op het water
een schat de diepte in wijst.

De vicieuze cirkel in zeil,
het gillen van meeuwen
die loeren of er iets te rapen valt
dat van hun kan zijn.

Het maakt allemaal niet uit,
de haaien zullen toch
vlugger zijn.

zondag 10 maart 2019

Ontspoord


Wanneer mijn benen
jouw lenden
in een houdgreep nemen
spoort de tijd niet.

Ik ben de rails
en jij de locomotief.
We komen beiden
te laat.